Mode en textiel
Hier draait alles om kleur en val. Een kleur die er op het scherm net naast zit, is de belangrijkste reden waarom kleding retour gaat, en dat maakt kleurbeheer geen luxe maar de kern van de opdracht.
De val van de stof is het tweede. Kleding die plat ligt vertelt weinig; kleding die hangt of gedragen wordt, laat zien hoe zwaar het materiaal is en hoe het beweegt. Ook zonder model kun je dat oplossen, met een pop of door het kledingstuk zo op te bouwen dat het zijn eigen vorm aanneemt.
Voeding
Voeding is het meest vergankelijke onderwerp dat er bestaat. IJs smelt, sla verlept, schuim zakt in, en een saus die net is opgeschept ziet er na drie minuten anders uit.
Dat betekent dat het licht al klaar moet staan voordat het gerecht binnenkomt. In de praktijk wordt er eerst met een dummy gewerkt — een bord met iets wat erop lijkt — en pas als alles staat, komt het echte product op tafel voor een paar minuten.
Daarnaast is het perspectief hier belangrijker dan elders. Recht van boven werkt voor platte gerechten en voor alles waar de compositie het verhaal is; laag en van opzij werkt voor hoogte, voor een stapeling, en voor alles waar je in wilt bijten.
Interieur en meubels
Hier is de ruimte onderdeel van het product. Een stoel los op wit is nuttig voor de webshop, maar zegt niets over hoe hij staat in een kamer.
Het probleem is dat interieurfotografie snel te vol wordt. Een gestileerde kamer waar naast de stoel ook een lamp, een kleed, een plant en een boek staan, laat de kijker raden wat er te koop is. Eén duidelijk hoofdonderwerp, de rest bewust rustig.
Verder speelt daglicht een grote rol. Een interieurbeeld met kunstlicht dat het daglicht tegenwerkt, oogt onmiddellijk als een reclamefoto in plaats van als een kamer.
Tech, industrie en cosmetica
Tech is een spiegelprobleem. Gepolijst metaal en glas weerkaatsen alles, inclusief de fotograaf en zijn lampen. De oplossing zit niet in minder licht maar in gróte, zachte lichtbronnen die als een egaal vlak in het oppervlak weerspiegelen.
Industrie vraagt het omgekeerde: daar mag je juist zien dat iets zwaar en functioneel is. Textuur, olie, gebruikssporen. Een machine die er te schoon uitziet, oogt als een render.
Cosmetica ligt tussen die twee in. De verpakking moet perfect zijn — daar wordt een merk op afgerekend — maar het product zelf, een crème of een poeder, moet er juist bruikbaar uitzien. Vaak zijn dat twee opnames die later samenkomen.


